In de bocht van de Tulpstraat liggen vier gemeentelijke monumenten. Huisnummer 14-16 en 18-20 vormen de eerste woningen van het Bloemenkwartier. Met name de topgevels zijn architectonisch interessant.
Nummer 18 heeft als extra bijzonderheid dat het tussen 1909 en 1911 de woning is van illustrator Cornelis Jetses (1873-1955). Jetses is onder meer bekend van Ot en Sien en van het leesplankje waarmee generaties Nederlandse kinderen leren lezen. Kan jij het ‘aap noot mies’ nog opzeggen?
Het huis van Jetses is niet opengesteld, maar beslist een bezoekje waard. Zeker op zaterdag 9 september om 12:00 uur. Dan leest Stadsdichter Jan-Paul Rosenberg zijn speciaal voor deze gelegenheid geschreven gedicht over Jetses voor.
Overpeinzing bij het woonhuis van wijlen Cornelis Jetses in de Tulpstraat
We trokken op woeste grond – door houtland, moerassen
met rendierlaarzen, boomstamkano’s gingen we op jacht
taal was ons wapen
voor de kennisoverdracht, in onze eerste vuren
smeedden we verzen tot gidsen, naar visgrond
en drinkbaar water, een verteerbaar gewas.
Toen hielden we halt, stichtten een stad, bedachten
koningen en knechten, omheinden dier en plant
ook onze taal legden we vast
in stenen, leesplank, databank, naast klank
werd zij ook teken – schrijvend, lezend sloot het weten
zich rondom ons spreken, stolde onze poëzie tot wezen
zonder doel of nut, maar nauw ontstegen
aan hun taak regen de woorden zich aaneen
tot zinnebeeld van troost en zegen, geest
die ons bevrijdde, ons doceerde
hoe de eeuwen te trotseren, terug te keren
tot de bron die ons bezielde, leven geeft.
Jan-Paul Rosenberg