Vanaf 1620 kerkten de katholieken uit ’t Goy eeuwenlang in Schalkwijk. Hun kerk was indertijd overgenomen door een kleine groep Hervormden. Na 5 augustus 1796 mocht het katholieke geloof weer openlijk worden uitgeoefend en in de loop van de 19e eeuw ontstond onder de parochianen een groot verlangen naar een eigen parochie. In 1863 ontwikkelden de Goyenaren plannen voor een eigen kerkgebouw en een eigen parochie. Deze plannen werden in Schalkwijk niet warm ontvangen. Pastoor Theodorus Berger was tegenstander. Toch besloten de Goyenaren om hun plannen door te zetten. In 1865 kregen ze toestemming van de aartsbisschop en in 1866 toestemming van koning Willem III. Tussen de Goyenaren was een discussie uitgebroken over de plek van de kerk. Deze ging om de huidige locatie en om een stuk land enkele honderden meters oostelijker langs de Beusichemseweg. De aartsbisschop van Utrecht koos de huidige plek, waarna in 1865 een houten noodkerk werd gebouwd. Tot pastoor werd benoemd Wilhelmus Johannes van de Wiggelaar, tot dan kapelaan in Kampen. Terwijl twee jaar lang de locatiestrijd nog doorging, werd wel besloten om de kruiskerk van Blauwkapel na te bouwen. Op 1 augustus 1870 startte de bouw van de kerk en op 28 september 1871 was deze gereed. De gekozen plek was voor de dorpelingen dichterbij, dan de alternatieve plek oostelijker. In 1871 woonden de dorpelingen in het huidige Goysedorp en de boeren in de wijde omgeving. Na het gereedkomen van de kerk ontstond er een nieuw dorp rond de kerk. Ook wel het Nieuwe Goy genoemd.
Het interieur van de kerk is witgepleisterd, terwijl het houten spitstongewelf is beschilderd met bloemmotieven en de vier evangelistensymbolen. In het interieur zijn verder vermeldenswaardig het neogotische gepolychromeerde altaar uit 1888, gesneden houten kruiswegstaties, het achthoekige hardstenen doopvont met koperen deksel uit 1919 en een fraai gesneden biechtstoel. In 2010 is de dagkapel geopend en is het verwarmingssysteem zodanig aangepast dat de kerk snel op de gewenste temperatuur kan worden gebracht. Zo’n 85% van de Goyenaren is (financieel) betrokken bij de kerk.
Op het kerkhof zien we rechts van de ingang een 12e -eeuwse altaarsteen, afkomstig uit het Middeleeuwse kerkje dat tot eind 18e eeuw aan het Groenedijkje heeft gestaan (zie informatiebord naast de steen). Ook treffen we daar aan het prachtige bronzen beeld ‘Drager van de nacht” van Elselien van der Graaf.