



De Sint-Nicolaaskerk is gebouwd in de periode 1851-1853 naar een ontwerp van architect W.A. Scholten. Het gebouw is opgetrokken op de plek waar een in 1850 afgebroken laatgotische kerk stond. Bijzonder aan dit gebouw is de achthoekige binnenruimte met de omliggende gang waar tegen elke zijde een kapel is gebouwd. Midden op het dak is een houten koepeltorentje geplaatst. Het gepleisterde interieur heeft een in 1863 aangebrachte stucdecoratie in late Empire-vormen. De decoratie is karakteristiek voor het eclecticisme zoals dat rond het midden van de 19e eeuw ontstond. In het interieur kun je drie orgels bezichtigen, het eerste gemaakt in 1742 door R. Garrels en de tweede in 1865 gemaakt door C.G.F. Witte en het derde in 1777 1-klaviers Batz-orgel. De preekstoel uit 1643 is in 2014 gerestaureerd en weer teruggeplaatst in de kerk. De vloer van de kerk bestaat voor een groot deel uit zerken, afkomstig uit de in 1850 afgebroken kerk.