

Het gemeentehuis werd in 1911 gebouwd naar tekeningen van de gemeentearchitect Simon Blokzijl. In veel opzichten, zowel wat detaillering als indeling betreft, lijkt het verrassend op een aantal andere gemeentehuizen in de provincie Groningen, die ontworpen zijn door andere bouwmeesters. De stijl is een mengeling van neoromaans en neorenaissance in een vereenvoudigde vorm. De licht geschilderde lateien, blokken en lijsten van natuursteen werden vaak uitgevoerd in het goedkopere beton zonder dat dit opviel. In de jaren ’50 en ’60 zijn al deze gemeentehuizen gerenoveerd om ze aan te passen aan de eisen van de tijd. Daarbij zijn veel authentieke details, vooral binnen, vervangen door de strakke zakelijkheid van het nieuwe kantoorideaal. In het geval van Ten Boer werd deze verbouwing ook ingegeven door constructieve redenen. Door het scheefzakken van het gebouw in de natte klei, moesten fundamenten en vloeren worden aangepast en verstevigd. Dit gemeentehuis van de kleinste gemeente van Groningen heeft de grootste afmetingen, maar het is dan ook het enige met een inpandige conciërgewoning, met een eigen ingang (nummer 45) en trap. Natuurlijk werd bij de bouw nog geen rekening gehouden met een badkamer of aparte slaapkamer voor de bode. Hij sliep in een bedstee en waste zich bij de gootsteen.