SQLSTATE[HY000] [2002] No route to host
De toren van de Dorpskerk is eeuwenlang een vast herkenningspunt in Voorschoten geweest. Reeds in 866, kort nadat hier de Christenleer aanhangers kreeg, was hier al een kerk, zoals blijkt uit het register van de St. Martinuskerk van Utrecht. Niet bekend is of er toen al een toren was, maar ook in andere oude culturen diende de toren als baken om de gelovigen de weg te wijzen. De toren wordt voor het eerst vermeld in 1539 toen hij instortte. In de tachtigjarige oorlog werd de toren door de Spanjaarden als uitkijk- en seinpost gebruikt en in 1573 werden kerk en toren verwoest, hoogstwaarschijnlijk door de Leidenaren zelf om te voorkomen dat de vijand er zich in verschanste.
In 1583 werd de kerk, die inmiddels in reformatorische handen was overgegaan, en de eerste dominees werden beroepen, opnieuw opgebouwd en de toren hersteld. In 1663 werden de hoektorentjes opgeknapt. De Dorpskerk was een zogenaamde parochie-, ook wel moederkerk, genoemd, toegewijd aan de Heilige Laurentius en tot haar rechtsgebied behoorden 4 kapellen. De eerste kapel, gewijd aan St. Nicolaas, was in de buurt van de huidige Hofweg bij de St. Nicolaasbrug en het St. Nicolaaspark. De tweede, gewijd aan St. Agatha was bij Schakenbosch op de plaats van de begraafplaats. De derde, gewijd aan St. Regenfreda, was in Veur en de vierde, gewijd aan Sta. Maria, was in Wilsveen. De hoektorentjes zijn nu de stille getuigen van de inmiddels verdwenen kapellen.
In 1674 werd de toren getroffen door de bliksem en met bijdragen van o.a. de ambachtsheren Arent en Jacob, beiden baron van Wassenaer en Duivenvoorde in 1692/1693 hersteld. De toren had toen de vorm van een peer of ui, zoals je ook wel in de buurt van Deventer ziet (zie afbeelding in Oude Prenten en Briefkaarten vertellen over Voorschoten van E.J.J. de Keuning). In 1702 werd de toren opnieuw door de bliksem getroffen en geknot tot de romp. Met vergunning van de Heeren Staten van Holland werd een loterij gehouden en met de winst werd de kerk hersteld. Er werd één klok opgehangen (gemaakt door J. Ouderogge, Rotterdam in 1704) met uitgebreid opschrift. Het vermoeden bestaat dat er vóór de ramp 2 klokken hadden gehangen. Volgens de heer H. Walvaart is dat ook wel aannemelijk omdat de oorspronkelijke kerk Rooms Katholiek was en het gebruikelijk was dat de klokken de eerste tonen van het Te Deum ten gehore brachten. Het is zelfs aannemelijker dat er voor dat doel zelfs 3 klokken waren. In 1943 is de klok helaas in handen van de Duitsers gevallen, die ook de klokken van de Laurentiuskerk hebben meegenomen. In 1949 is er een nieuwe klok gegoten ter vervanging van de oude klok uit 1704. Ook deze klok is bijzonder vanwege een gedicht dat erop staat. Ook de 4 hoektorentjes werden in oude luister hersteld.
In 1795 riep Napoleon de Bataafse Republiek uit en de Nationale Vergadering voerde de scheiding van Kerk en Staat door. Voor de toren hield dat in dat hij nu voor altijd aan de burgerlijke gemeente zou gaan toebehoren. Napoleon zag het strategisch belang in van de torens en gebruikte deze als uitkijkpost en/of, zoals in Voorschoten, als gevangenis. De rest van de kerkelijke goederen werd aan de kerkelijke gemeente overgedragen.
In 1869 is het huidige kerkgebouw verrezen. De kerktoren, die met een enkele toevoeging (in dit geval neogotisch) weer in de ‘nieuwe tijd’ paste, bleef staan. Dat maakt torens zo interessant, ook elders in Europa. De kerk werd aan de eisen van de ‘moderne’ tijd aangepast en de toren kreeg gewoon een ander raampje of deur in dezelfde stijl. Zo ook hier. J.A. v.d. Kloes tekende in 1899 het volgende op in ‘Voorschoten Voorheen en Thans’: “Aan den toren zijn geen andere herstellingen gedaan, dan dat de steenen buitenlijsten met Portland-cement werden opgezuiverd Verder werd een nieuwe ingang aan den toren aangebracht met een gegoten ijzeren radvenster daarboven, alsook een groot ijzeren torenraam. Dit laatste werd in meerder werk gemaakt. “.
In 1955 — 1958 is de stenen achtkant op de kerk geplaatst, ook wel de ‘lantaarn’ genoemd. Ook de omgang is toen veranderd. Om bij dat deel van de toren en de klok te kunnen komen is de hoektoren opgehoogd, waardoor één van de pinakels, symbool van een kapel, werd opgeofferd. De stenen die voor de opbouw werden gebruikt waren oude stenen afkomstig van kerken die elders waren afgebroken (wellicht t.g.v. de oorlog).
In die periode werd ook de verdieping op de begane grond van de toren verhoogd tot 2 verdiepingen, afgerond met een gotisch gewelf. In het trappenhuis is het deurtje dat toegang verschafte tot die verdieping dichtgemetseld H. Walvaart).
Sinds 1806 luidt de klok driemaal per dag, om 8.00, 12.00 en 18.00 uur voor gebed, eten en rust. In 1965 kreeg de toren een carillon met 37 klokken, gemaakt door de fa. Eijsbouts uit Asten. Iedere klok kreeg de naam van een van de vele fraaie buitens die hier ooit te vinden waren, t.w.:
1. Duivenvoorde 2. Berbice 3. Romke de Waard 4. Adegeest 5. Bethlehem 6.Bijdorp 7.De Claeuw 8. Dorpwijk 9.Den Elst 10. Frieshof 11. Het Fortuyn 12. Haagwijk 13. Het Haantje 14. Het Hemelrijck 15. Suidersigt 16. Hofvliet 17. Hooghkamer 18. Den Hoorn 19. Ter Horst 20. Het Koopmans Welvaren 21. De Lammerenberg 22. Ter Lips 23. Het Oude Schouw 24.Rhijnenburg 25. Rhijnvliet 26. Roosenhorst 27. Rosenburgh 28. Roucoop 29. Rustwat 30. Starrenburgh 31. Uitterdijck 32. Vlietwegh 33. Het Vosje 34. Vredenhoeff 35. Ter Wadding 36. Welgelegen 37. Woelwijck 38. Zijderveen
Sinds 1995/1996 zorgen schijnwerpers ervoor dat de toren ook in deze tijd weer een baken is dat van verre reeds te zien is.
Gegevens ontleend aan eerdere publicaties van de Vereniging Leefbaar Voorschoten. J. Koopstra 2004-08-06.