In het jaar 1560 wordt De Roskam voor het eerst genoemd. Van oudsher was het gebouw het eigendom van de baronnen van Wassenaer van Catwijck. In het verleden was de Roskam een pleisterplaats voor mensen op doorreis, om er uit te rusten of te eten. De naam Roskam heeft te maken met het feit dat er ook de paarden kon stallen en te eten geven. Ze werden dan ook gereinigd met borstel en kam, het zogeheten rossen. De voormalige herberg is verbouwd tot verenigingsgebouw.