
De toren van deze kerk werd in de 15e eeuw gebouwd en dat vormt de basis van de huidige driebeukige kerk die in laatgotische stijl is opgetrokken.
Bij verschillende oorlogshandelingen werd de kerk niet gespaard, maar de gebeurtenissen in 1672, het Rampjaar, brachten de Dorpskerk de meeste schade toe. Door de plunderingen en brandstichting van de Fransen ging de kap van de kerk volledig verloren. De toren kreeg aan het eind van de 17e eeuw een nieuwe bekroning in Renaissance stijl. In 1748 werd het torenhaantje, dat door velen als symbool voor de in die tijd niet zo populaire Franse haan werd gezien, vervangen door een leeuw met pijlenbundels, het symbool van de Nederlandse Republiek.
Ook het portaal aan de zuiderzijbeuk van de kerk met pilaster en een fronton werd in de 18e eeuw gebouwd. De laatste aanpassingen zijn in 1973 tijdens de restauratie van de kerk gedaan. Volgens een oud bestek uit 1664 werd de consistorie in de noordelijke gevel van de kerk in ere hersteld. De toren kreeg een heel nieuwe bekroning van lood en hout, die op de grond werd vervaardigd en in 1973 onder grote belangstelling op de toren werd gehesen.
Gelukkig heeft de kerk bij de grote dorpsbrand van 1870 nauwelijks schade opgelopen en hierdoor is de oudste afbeelding van het wapen van Bodegraven, daterend uit 1675, nog steeds in het houtsnijwerk van de kansel te vinden. Het gemeentewapen van Bodegraven is een zogenaamd ‘sprekend wapen’, de naam van de gemeente komt in wapen tot uitdrukking.