Grenspalen langs een kersentuin
Zittend in de karakteristieke hoogstam-kersenboomgaard aan de Trip in Schalkwijk bij het “Eethuis Ster in de Kersentuin” zien we in de berm van de weg een paar karakteristieke grenspalen staan. De boomgaard is onderdeel van het agrarisch erfgoed bestaande uit hoogstambomen met 12 soorten kersen die vooral worden gebruikt in jams. In deze periode van het jaar vragen niet de kersen onze aandacht, maar wel deze bijzondere grenspalen.
Tot in de 20e eeuw waren de wegen voor een groot deel in het bezit van particulieren die deze wegen moesten onderhouden en tol konden heffen van de reizigers, ongeacht of de onderhoudstoestand van de weg goed of slecht was. Omdat de Rijksoverheid aan deze situatie een eind wilde maken, stelde zij in 1927 een Rijkswegenplan op met een daarop aansluitend Provinciaal wegenplan. Als de provincie aan de daarin opgenomen eisen (o.a. 5 meter wegbreedte en een goede verharding) voldeed kon zij aanspraak maken op een uitkering uit het rijkswegenfonds. In die periode was de heer Anton Adriaan Mussert hoofdingenieur van de Provinciale Waterstaat en speciaal belast met het provinciale wegenplan van de Utrecht. Op zijn initiatief en voordracht werden in 1928 door de provincie Utrecht 300 speciaal voor de provincie vervaardigde grenspalen besteld. Deze grenspalen waren bedoeld om de grens tussen de provinciale grond, waarop een weg lag, en particulier eigendom te markeren. Ze mochten alleen worden geplaatst in situaties waarbij de weg aan de eisen van het provinciale wegenplan voldeed. De palen kregen de naam van de initiatiefnemer: Mussertpalen.
De palen zijn in houten mallen gemaakt, waarbij eerst de wapening is geplaatst en vervolgens het beton is gestort. De afmetingen van de palen zijn 25 x 25 cm2 met een lengte van 135 cm. Aan de onderzijde van de paal zit een rond gat waar bij plaatsing een stang of ijzeren staaf doorgestoken werd. Deze staaf zorgde voor de standzekerheid van de paal. Op drie zijden van de paal staat het provinciewapen van Utrecht en aan de vierde zijde de letters PG (Provinciale Grond). De palen werden aan de buitenzijde van het talud van de bermsloot van de weg geplaatst met de letters PG naar de buitenzijde gekeerd. De palen werden geplaatst op plekken waar de weg een bocht maakte, de grens versprong of een zijweg er op aansloot. In de loop van de tijd zijn door een combinatie van natuurinvloeden (regen en vorst) en menselijke handelingen (maaien en baggeren van sloten) zeer veel palen beschadigd geraakt. Vaak zijn de beschadigingen zodanig, dat daarbij het staal van de wapening bloot is komen te liggen en daardoor verder verval (door betonrot) is opgetreden.
In Houten vinden we deze grenspalen nog langs de (voormalige) provinciale wegen Loerikseweg, Provincialeweg, Schalkwijkseweg, De Trip en de Utrechtseweg èn incidenteel in enkele particuliere tuinen. De palen zijn vaak niet te zien door begroeiing, zijn scheefgezakt of nauwelijks nog herkenbaar. Tijdens deze dag kunt u de uitdaging aangaan om één van deze palen weer zichtbaar te maken.