



De Kilsdonkse Molen is een combinatie van een watervlucht-korenmolen en een watergedreven oliemolen. De molen komt al voor in bronnen uit de dertiende eeuw. Ooit stonden er twee watermolens, aangedreven door de rivier de Aa. Later werd een van de twee vervangen door een watervluchtmolen. Een dergelijke molen kan zowel door wind als water worden aangedreven. In het gebouw werden rogge en boekweit tot meel gemalen. De watermolen werd gebruikt om lijn- en koolzaadolie te slaan. De koek die overbleef werd als veevoer verkocht.
Beide molens brandden in 1840 volledig af, maar werden in 1842 herbouwd in de huidige vorm. In 1880 moesten de waterraderen worden verwijderd omdat ze teveel wateroverlast veroorzaakten voor boeren in de omgeving. De gebouwen raakten buiten gebruik en daardoor in verval. In de jaren 1950 was restauratie hard nodig, maar het lukte niet om genoeg geld bij elkaar te krijgen. In 1954 werd het wiekenkruis van de watervluchtmolen afgenomen en hergebruikt in Deventer. Uiteindelijk bleef niet meer dan een romp over. Van 2003 tot 2009 zijn de molens in oude glorie hersteld. Op 8 mei 2009 wordt de gerestaureerde Kilsdonkse Molen officieel in werking gezet door Z.K.H. Prins Friso van Oranje-Nassau, als beschermheer van De Hollandsche Molen.
Deze watervluchtmolen is de enige in Nederland. De naam van De Kilsdonkse molen verwijst naar een ‘donk’, een zanderige hoogte bij een rivier en een ‘kil’ een waterafvoer, de aftakking van de Aa. Deze combinatie van een korenmolen en een oliemolen met een gecombineerde aandrijving door wind- en waterkracht is uniek in Europa.