De functie van deze rond 1782 gebouwde oven was kogels te verhitten om daarmee (de houten) schepen van de vijand voor de kust in brand te schieten. De oven maakte deel uit van een verdedigingssysteem van Voorne en de zeemonden. Samen met een klein fort en een flink aantal kanonnen vormde de vuurtoren in de achttiende eeuw een kustbatterij, die vijandelijke schepen in de Maasmond kon beschieten. In 1782 stonden er 22 kanonnen van 36 pond.
De gloeiende kogels raakten sinds ongeveer 1870 in onbruik: ijzeren schepen konden ze niet in brand schieten.
Tijdens de werkzaamheden voor de uitvoering van het recreatieplan Brielse Maas werd de oven rond 1954 opgegraven en in 1957 gerestaureerd/herbouwd.