SQLSTATE[HY000] [2002] No route to host
Het herenhuis Maasstraat 21 betreft een van oorsprong onderkelderd pand met bel- etage, verdieping en zolderverdieping uit 1833.
In 1891 wordt het herenhuis grondig verbouwd en worden de huidige zeven- en achtruits schuiframen en de hoofdentree aangebracht. Ook komt het rijke interieur tot stand, met in het bijzonder op de bel-etage de kamer en suite met beschilderde stucplafonds en op de scheiding van de voor- en achterkamer een monumentaal portaal met door ionische kapitelen bekroonde zuilen en pilasters op piëdestals. Ook wordt het pand uitgebreid en wordt de steeg tussen Maasstraat 19 en 21 volgebouwd. De achterzijde van Maasstraat 19 verkrijgt een nieuwe gevel met een poortopening vanwege de nieuwe functie van koetshuis. Tegen de achtergevel van het herenhuis wordt een fraaie tuinkamer met twee veranda’s en achter-entree gebouwd. Het in 1884 vermelde woonhuis wordt vervangen door het linker zijhuisje. De theekoepel op het achterterrein verdwijnt en de huidige erfafscheiding met twee poortopeningen wordt aangebracht.
De kelderentree van het herenhuis wordt dichtgezet evenals de twee kelderlichten in de zijgevel, en één in de achtergevel. Het tweede kelderlicht in de achtergevel wordt gewijzigd in een kelder-entree. Bijzonder is dat ingangspartij van de voorgevel wordt gewijzigd door een van de twee trappen van het trapbordes op te offeren voor een keldertrap, zodat de kelder ook via de straatzijde toegankelijk wordt.
De verbouwing is uitgevoerd door notaris A. Stael, die het complex in 1891 bezit krijgt, waarbij hij het herenhuis uit 1833 als woonhuis in bezit neemt. Maasstraat 19 verkrijgt een dubbele functie van notariskantoor, met aan de achterzijde die van koetshuis. Boven de poortopening van het koetshuis is als sluitsteen een jaartalsteen aangebracht met het jaartal 1891.
De rechter aanbouw in de voormalige steeg wordt aan de voor- en achterzijde bekroond door schijnkantelen en het platte dak is toegankelijk via een deuropening, in een dakkapel in het zijdakvlak van het herenhuis. De voorgevel van de rechter aanbouw heeft een rondboogentree met in de boog een sluitsteen met de initialen A S van de bouwheer: A. Stael. Erboven is een cartouche met een steigerend paard aangebracht. Het metselwerk van deze verbouwing is uitgevoerd in een machinale baksteen in kruisverband. De twee veranda’s tegen de tuinkamer, met overstekende dakvlakken en decoratieve dakranden, zijn kenmerkend voor de chaletstijl.
In 2019 verwerft John Lamers het pand en maakt in het verdiepte souterrain een commerciële ruimte die nu in gebruik is als fitnessruimte, de beletage wordt een commerciële ruimte, als atelier en winkel van de topcouturier Addy van den Krommenacker. Er worden 4 appartementen op de verdiepingen en zijwoningen gerealiseerd. Het pand wordt verduurzaamd wanden / dak geïsoleerd, vloerverwarming en warmtepompen aangebracht. Zeker vermeldenswaardig is het gerestaureerde wand / plafond stucwerk en schilderingen op de beletage zijn prachtig in oude luister hersteld.
Bron: uit bouwhistorisch onderzoek met waardestelling Maasstraat 21 te Grave juni 2020 door H. Hundertmark