

De Oude Ebbingestraat 91 ligt net buiten de middeleeuwse stadsversterking, ter hoogte van de voormalige (buitenste) stadsgracht. In de periode 1469-1471 werd de stadsverdediging aanzienlijk gewijzigd. Daarbij werd voor de Ebbingepport een (omwalde) voorrruimte gemaakt voorzien van een tweede poort of voorpoort. In die tijd was de Turfsingel / het Boterdiep eekn kanaal ten oosten van de stad, dat geheel langs de omgrachting liep.
In de eerste helft van de 17e eeuw werd de stad aan de noordzijde vergroot, waarbij de huidige Hortus-buurt tot stand kwam. In die periode is ook het pand aan de Oude Ebbingestraat 91 gebouwd: op de rand van de (oude) Ebbingepoort. De ligging (hoek Turfsingel met Oude Ebbingestraat) was aanleiding voor het creëren van een stedenbouwkundig accent. De forse maatvoering van het pand markeert namelijk de entree tot de Oude Ebbingestraat. De middeleeuwse wijze van verkaveling met hoekaccenten is ook zichtbaar op andere plaatsen in de stad
Extern
Het pand kent een rechthoekige grondslag en bestaat uit een souterrain en oorspronkelijk twee bouwlagen, een trapgevel aan de voorzijde en een topgevel aan de achterzijde.
In de late 18e eeuw of vroege 19e eeuw is de voorgevel vernieuwd., De nieuwe voorgevel is een lijstgevel, bestaande uit een souterrain, een hoge begane grond, verdieping en mezzanine verdieping. Kenmerkend voor deze periode is het verfijnde metselwerk, waarbij in de randen van de neggen van de vensters de klezoortjes zichtbaar zijn. Het dak werd aangepast met een schildeind aan de voorzijde.
In 1849 vestigde apotheek De Zaaijer zich in het pand, waarbij er opnieuw een verbouwing plaatsvond: namelijk de entree in de zijgevel. Kenmerkend is de ronde boogvorm van de deur met het bijbehorende bovenlicht, gevat in een rechthoekige omlijsting met een klassiek hoofdgestel.
De gevel is gedecoreerd met een zandstenen console waarop een hert ligt met een groot gewei. De console is voorzien van de tekst ‘Apotheek’ en ‘Dr. H.G. Zaaijer. Het hert, en meer in het bijzonder de hertenkop en het hertshoorn, werden in het verleden vaak als teken gebruikt door drogisthouders en apothekers. Het witte hert het meet, dat – zoals Aristotoles vertelt – door Diomedes aan Diana was toegewijd. Uit hertshoorn werd hertshoornzout of vlugzout gewonnen, dat als opwekkend middel bij flauwtes diende. Ook de afgebeelde vijzel en kruiden verwijzen naar de vroegere functie van het pand.
Intern
Omstreeks 1887 is het houten cassettenplafond met bijbehorende koof aangebracht. De cassetten zijn beschilderd met neorenaissance motieven. In de koofrand (koorlijst) staan voornamelijk namen van natuurkundigen vermeld.
De balklagen zijn 17e eeuwse grenen houten balken met geprofileerde eikenhouten sleutelstukken. Op de verdieping is een fonteintje gesitueerd met tegelwerk, hetgeen een 19e eeuws karakter heeft. De deur naar het toilet betreft een 17e eeuwse eikenhouten deur, voorzien van zes panelen.
Monumentwaarden
Het pand op de hoek van de Oude Ebbingestraat 91 / Turfsingel vormt een stedenbouwkundig accent in de 17e eeuwse verkaveling van de stad Groningen en heeft bouwhistorische betekenis door o.a. de gewelfde kelders in het soutterrain. De vernieuwde voorgevel (eind 18e, begin 19e eeuw) markeert een belangrijke bouwfase in de bouwgeschiedenis. De indeling en het interieur hebben overwegend een 19e eeuws karakter, maar zijn zeer waarschijnlijk gebaseerd op een oudere opzet. Het cassettenplafond met neorenaissance stijl en de paneeldeuren zijn zeer kenmerkend.