SQLSTATE[HY000] [2002] No route to host

Nog voordat het laboratorium voor Microbiologie op de Wageningse Berg in de steigers staat, zijn de proefvakken al in 1920 gereed. Het betreft veertig zo goed als vierkante vakken van zeven bij zeven meter, afgezet met prefab betonplaten van ruim een beter diep en verder gescheiden door zandpaden. Naar voorbeeld van het Britse landbouwkundige onderzoeksinstituut Rothamsted in Harpenden, krijgen deze proefvakken op de berg hun vorm in een strak rasterwerk van vijf bij acht rijen.
Professor Nicolaas Söhngen (1878-1934), de eerste hoogleraar Microbiologie die Wageningen rijk is, krijgt in 1919 toestemming van de dan zojuist opgerichte Landbouwhogeschool (1918) voor de bouw van een nieuw laboratorium met toebehoren. Naast een ruim laboratorium, een ambts- en een tuinmanswoning kan hij namelijk een tuin van 1 hectare vorm gaan geven. Deze tuin ligt westwaarts van het laboratorium voor een optimaal gebruik van de zon en nagenoeg gelijke condities voor de afzonderlijke vakken. Met andere woorden: zo min mogelijk schaduw van gebouwen en geboomte. Dit zonnige terrein wordt grotendeels ingenomen door de proefvakken die bedoeld zijn voor een decennialang experiment met bemestingsproeven. De intentie van Söhngen is om de juiste verhouding van microben of micro-organismen in de akkerbodem te kunnen bestuderen. Verder wil hij gebreks-ziekten en stikstofbinding in de grond beter leren begrijpen. Hiertoe krijgt elk vak een eigen strak bemestingsregime dat jaar op jaar hetzelfde moet worden uitgevoerd. De tuinman mag bijvoorbeeld niet zomaar van het ene naar het andere vak stiefelen. Schoffel en schoenen moeten grondig worden gereinigd voordat een ander proefvak kan worden betreden.
In 1987 zijn echter de laatste wetenschappelijke experimenten in de proefvakken gedaan en ze ontsnappen in 2002 ternauwernood aan sloop door de projectontwikkelaar die het terrein van de WUR heeft aangekocht. Met een status van rijksmonument sinds 2004 hebben de proefvakken enige zekerheid van een toekomstig bestaan.