SQLSTATE[HY000] [2002] No route to host




Het oudste gedeelte van het provinciehuis (Statenzaal en Gedeputeerdenkamer en enkele sectiekamers) werd in de 15e eeuw gebouwd. Vroeger was dit gedeelte de Sint Maartensschool of de sunte Mertensschoele. Deze school was een kerkelijke stichting die was gewijd aan de beoefening van de wetenschappen. De oudste vermelding van de Sint Maartensschool dateert uit 1425 en komt voor in het ‘Stadboek’, een boek met publiek- en privaatrechtelijke regels die binnen de stad golden. Deze school kende een grote bloei onder het rectoraat van Regnerus Praedinius in de periode 1545 tot 1559. Het onderwijs stond op een hoog peil. Als Groningen in 1594 protestants wordt dan neemt de roem van de Sint Maartensschool af. In 1594 verhuisde de Latijnse school, de opvolger van de Sint Maartensschool, naar het Minderbroederklooster. Dit gebeurde onder leiding van rector Ubbo Emmius.
De Provinciale Staten van Groningen besloten op 20 juni 1601 dat de Sint Maartensschool het nieuwe provinciehuis zou worden. De Sint Maartensschool werd gerenoveerd en uitgebreid met 10.000 stenen uit het klooster te Selwerd (het nonnenklooster Maria Virgo van de Benedictijner Orde) en ander materiaal (eikenhout en balken) uit de kloosters van Thesinge en Sint Annen. Het provinciehuis is nadien diverse keren gerenoveerd. Vanaf 1602 tot heden vindt elke maand de Provinciale Statenvergadering plaats in de Statenzaal en elke week de Gedeputeerden Statenvergadering in de Gedeputeerdenkamer.