SQLSTATE[HY000] [2002] No route to host
Het complex van gebouwen van het voormalige R.K. klooster van de zusters Moniale Redemptoristinnen is markant gelegen ten noorden van de kom van Velp, op de hogere gronden ten zuiden van de Hertogswetering, aan de rand van de polder De Mars. Het klooster, gesticht vanuit de Brugse (B) vestiging van de redemptoristinnen, is gewijd aan St. Alfonsus en ligt naast de reeds beschermde St. Vincentiuskerk van Velp en het eveneens reeds beschermde Emmaus-klooster van de paters Kapucijnen. De huidige vorm van het kloostercomplex, bestaande uit een b-vormige plattegrond met een vijftal vleugels, een kapel en een tuin met toebehoren, dateert nagenoeg geheel uit de periode 1850-1940.
Historie
De bouwgeschiedenis van het kasteel blijft hoofdzakelijk in nevelen gehuld. Mogelijk ontstaan in de 15de eeuw als een adellijk huis. Na de verwoesting door de Franse troepen op 29 juli 1674 bleven slechts de noord, west- en zuidgevels overeind staan. Vermoedelijk heeft, deels met gebruikmaking van nog bruikbare delen van de ruïne al spoedig na 1674 een herbouw plaats gevonden, waarbij een meer klassiek, luxe woonhuis is ontstaan.
De herbouw van na 1675 heeft plaats gevonden op dezelfde plaats als waar het oude kasteel stond en lijkt het aannemelijk om te veronderstellen dat in de herbouw delen van de ruïne zijn opgenomen. Het klooster werd in 1858 gesticht ter plaatse van het grotendeels twee jaar later gesloopte kasteel van het adellijke goed Bronckhorst. Delen van het muurwerk van het kasteel werden in de nieuwbouw van 1860-’61 opgenomen. Het klooster was geschikt voor 45 zusters. Na de Tweede Wereldoorlog liep het aantal redemptoristinnen snel terug. In 1990 zijn de laatste negen zusters naar Someren verhuisd. Nu heeft het gebouw een woonbestemming. Het kloostercomplex heeft cultuurhistorische waarde als voorbeeld van een geestelijke ontwikkeling, namelijk de bloei van orden en congregaties in de negentiende eeuw en is tevens van belang als voorbeeld van de typologische ontwikkeling van het contemplatieve klooster.
Bezitsgeschiedenis
Gijsbrecht van Bronckhorst, heer van Batenburg en Anholt was in 1456 in het bezit van het kasteel. Vele malen werd het bezit overgedragen. In 1789 werd het kasteel verkocht aan dhr. H. Gerrits, die er naar verluid in 1812 de Kapucijnen onderdak heeft gegeven, toen ze door de Fransen uit hun klooster waren verjaagd. Op 17 maart 1858 verkocht de Graafse Monseigneur de la Geneste (1821-1880), ondermeer de rector van het klooster van de Zusters van Liefde De Wijnberg in Grave, het enige jaren daarvoor verworven goed weer aan de zusters.
Geschiedenis Klooster
De “Rode Nonnen” waren ruim 130 jaar een begrip in Velp. In 1858 vestigden zich zeven zusters Redemptoristinnen vanuit Brugge in Velp, in 1990 verlieten de laatste negen Velp om naar Someren te gaan. Wat zij in Velp achterlieten was een monumentaal kloostercomplex als getuigenis van een rijk contemplatief leven. Zij vestigen zich naast de oude Vincentiuskerk van Velp en het Emmaus-klooster van de paters Kapucijnen in een gedeelte van het vroegere kasteel Bronckhorst. Na de aankoop op 17 maart 1858 kwamen op dinsdag 20 juli 1858 de eerste zusters aan voor de definitieve stichting.
Het complex heeft ook een monumentale tuin, die in zijn huidige omvang van kort na 1923 dateert, toen men aan de westzijde een stuk grond had aangekocht van de koster voor de uitbreiding. De tuin is ommuurd en heeft gazons en borders. De beplanting, globaal uit de periode 1900-1950, bestaat onder meer uit eiken, linden, ceders, paardenkastanjes, fruitbomen en coniferen, waaronder enkele monumentale exemplaren.
Anno nu wordt gewerkt aan een herbestemming in de sfeer van permanente bewoning; een bestemming die passen binnen de kaders van het gebied: “stilte”.
Architectuur
Het is architectuurhistorisch van belang vanwege de stijl, het bijzondere materiaalgebruik en de sobere ornamentiek. Ook is het deels van belang als voorbeeld van het werk van de architecten Asseler en Kropholler. Het heeft ensemblewaarden vanwege de samenhang van klooster, kapel, tuin en economiegebouwen. Het is tevens van belang in samenhang met de gaafheid van de landschappelijke omgeving, waar ook het reeds eerder beschermde kapucijnenklooster is gelegen.