SQLSTATE[HY000] [2002] No route to host


Het Schip van Blaauw is onmiskenbaar een van de meest markante panden die de Landbouwhogeschool (LH) heeft voortgebracht. In opdracht van rijksbouwmeester H. Teeuwisse krijgt architect Cornelis Jouke Blaauw (1885-1947) kort na de oprichting van de LH in 1918 de vrije hand om op het terrein van Hinkeloord twee expressieve gebouwen te ontwerpen. Naast dit laboratorium voor Plantenfysiologie komt ook het ontwerp van het aanpalende laboratorium voor Microbiologie uit zijn koker. Beide gebouwen boven op de Wageningse Berg zijn fraaie voorbeelden van de Amsterdamse Schoolstijl. Typerend van deze stijl is het uitgangspunt van een uitbundig en rijk gedecoreerd totaalkunstwerk. Een stijl die een sterk contrast vormt met de dan opkomende zakelijke puur functionele architectuur zonder opsmuk van het Nieuwe Bouwen. Bij de Amsterdamse School gaan interieur en exterieur vloeiend in elkaar over en verschillende kunstdisciplines worden hiertoe maximaal ingezet. Ook bij dit gebouw. Toepassingen van siermetselwerk, glas-in-lood ramen en uit hout gesneden maskers aan de gevels, het budget lijkt eindeloos. Voor de maskers wordt de Amsterdamse beeldhouwer Johan Polet (1894-1971) aangetrokken. Hij is een belangrijke vertegenwoordiger van het in die tijd opkomend expressionisme in de beeldhouwkunst. Ook voor het ernaast gelegen laboratorium voor Microbiologie heeft Polet de gevelmaskers vervaardigd. Deze zijn hier uit natuursteen gehouwen en enkelen zijn zichtbaar geïnspireerd op Afrikaanse kunst. Bij beide laboratoria is uiteraard ook rekening gehouden met de wensen van de gebruiker. Het laboratorium van Plantenfysiologie is in nauw overleg met professor A.H. Blaauw (geen familie van de architect) tot stand gekomen. Een verdiepte ligging om de temperatuur in het laboratorium goed te kunnen reguleren is een van de strakke voorwaarden van de professor.