
Tiel werd- zoals zoveel steden in Nederland- in het midden van de 19e eeuw geteisterd door cholera-epidemieën. Dat kwam met name door slechte huisvesting en door het ontbreken van sanitaire voorzieningen, er werd namelijk met beerputten gewerkt zodat het grondwater dat elders opgepompt werd, verontreinigd was met ziektekiemen. Mr. O.C.J. Hoogendijk van Domselaar trok zich dat aan en liet in 1860 zeventig woningen bouwen aan de Grote Brugse Grintweg. De woningen werden verdeeld, naar verluidt, onder alle religieuze richtingen, protestant, katholiek en Nederlands-Israëlisch. Het complex werd gebouwd in een eenvoudige, strakke stijl met een groot binnenterrein. Dat gaf ruimte voor een stevige moestuin en een varkenshok. Een vroeg en bijzonder staaltje van sociale woningbouw. De woningen zijn, na het overlijden van Hoogendijk in 1874 door de erfgenamen in 1878 overgedragen aan de diaconie van de Nederlands Hervormde gemeente en in de jaren ’80 van de vorige eeuw verkocht. Er is nog steeds een Hoogendijk van Domselaar stichting die zich- in de geest van de stichter- richt op maatschappelijk werk.