Dit woonhuis wordt voor het eerst vermeld in de 16e eeuw. Het voorhuis gaat terug op twee kleinere huizen, iets wat nog altijd in de gevel en ook binnen zichtbaar is. Tot eind achttiende eeuw worden ze vooral bewoond door schippers en hun weduwen. In 1793 voegt Jan Dijkmans, meestersmid en hoofd van het smidsgilde, beide huizen samen en maakt er zijn branderswoning van. Achter het huis, aan de Hoogstraat, komt de branderij. In 1890 valt het doek voor de branderij en wordt het woonhuis een beleggingsobject voor de huurmarkt. In 1956 vindt een grote verbouwing plaats ten bate van een machinistenschool voor Schiedam (Grote Vaart). Deze school is echter geen lang leven beschoren, waarna het pand tot 1965 gebruikt wordt als kantoor voor de personeelsafdeling van de Warmtemeter BV. Sindsdien is het huis weer bewoond door particulieren.